> 4HAVO, een klas apart

Zo’n documentairetje over een of andere ziekte of sociaal probleem, hoe interessant of aangrijpend ook, maakt een beetje filmmaker natuurlijk in een loze achternamiddag. Even met de camera in een ziekenkamer, in een laboratorium, in de spreekkamer, in de kliniek, in het sanatorium, bij het loket; de hoofdpersoon aan het woord, de patiënt, de specialist, de hulpverlener, de onderzoeker, de ambtenaar, de partner of de ouders van de patiÎnt of de cliënt. En in de montagekamer wordt daar zonder veel problemen een filmpje op maat van geplakt. Tien minuten voor de actualiteitenrubriek, een half uurtje voor de fondswervingsshow, klaar is Kees. Niets van te zeggen, vakmanschap is meesterschap, als de boodschap maar overkomt en we maar geroerd de girokaart schrijven of ons aanmelden als donateur.

Voor iets meer dan deze aanpak, voor documentaires van wat langere adem, is meestal geen tijd. En vooral: geen geld. Je moet het als omroep natuurlijk ook willen, want in het hedendaagse televisielandschap geldt nu eenmaal vooral het motto dat er zoveel mogelijk kijkers voor moeten zijn. En dat het zo snel mogelijk weer moet zijn afgelopen voor het volgende reclameblok.

Maar sporadisch blijkt er nog leven te zitten in de echt lange documentaire (al of niet in afleveringen) als communicatievorm; en het is niet helemaal toevallig dat we die dan vooral tegenkomen bij omroepen die zich niets wensen of hoeven aan te trekken van de kijkcijfers. Vandaar dat zoiets als ‘4HAVO, een klas apart’ in januari 1992 in VPRO-zendtijd vier weken lang op zondagavond over het scherm kon trekken. Een onthullend schouwspel, dat leventje op die scholengemeenschap in het Noord-Hollandse Hoorn, met en rond de leerlingen van 4HAVO. Zo’n klas staat op de rand van het grotemensenleven, dat dreigend naderbij komt met het onafwendbare eindexamen in de vijfde. Nu kunnen de leerlingen nog even flierefluiten, het erop aan laten komen, de disco voorrang geven boven de repetitie op maandag. Maar de slagschaduw van dat examen hangt al over dat onbekommerde tienerleven en veroorzaakt wrijving tussen de grote mensen (ouders, leraren) en de scholieren. Daarbij komt dan ook nog eens dat je je als zestienjarige ‘best verloren’ kunt voelen in de maalstroom van indrukken, die de leerfabriek in het bijzonder en de wereld in het algemeen over je uitstort.

De serie van Maarten Schmidt en Thomas Doebele (die in 1988 voor ‘De laatste voorziening’ al met de Zilveren Nipkowschijf werden bekroond) geeft een trefzeker beeld van die verwarring en die wrijving en die onzekerheid. Als je het spul in de klas bezig ziet is je eerste indruk: wat een tuig, blij dat ik geen leraar ben. Als je de kinderen dan apart en thuis ziet en te horen krijgt, blijkt maar weer eens dat alles meerdere kanten heeft, wat je wel wist, maar wat in de klassikale puinhopen niet meteen duidelijk werd.

Prachtige documentaire, vooral door de open, niet vooringenomen opstelling van de makers. En natuurlijk door het feit dat ze ruimhartig tijd en geld ter beschikking hadden gekregen. Ze hebben maandenlang met de camera door die school kunnen lopen, werden zodoende min of meer onzichtbaar voor de bevolking, als een soort wandelend meubilair. Zo werkt dat dus, als je het echte leven wilt registreren.

Zonder veel discussie was de jury voor de Zilveren Nipkow Schijf 1992 het erover eens dat ‘4HAVO, een klas apart’ met enige afstand het beste was dat de Nederlandse televisie in het seizoen 1991-1992 te bieden had. Ze spreekt haar waardering uit voor, natuurlijk, de makers (die inmiddels een indrukwekkend documentair oeuvre op hun naam hebben staan en nu dus ook al tweemaal ‘De Nipkow’) , die weer een stuk heel bijzondere televisie afleverden. Maar ook voor de VPRO, die hen in staat stelt deze arbeids-, tijds- en emotie-intensieve weg te bewandelen. En niet te vergeten voor de betrokken school (leiding, docenten en leerlingen) die de moed had Schmidt en Doebele de tijd, de faciliteiten en (vooral) het vertrouwen te geven de opnamen te maken en die zonder bedongen ruggespraak met het onderwijsinstituut tot de vierdelige serie te monteren.

De Zilveren Nipkowschijf 1992 is voor ‘4HAVO’, maar ook een beetje van ‘4HAVO’.

Share |