Als er een tv-programma is dat permanent probeert de voelsprieten perfect uit te richten op de samenleving, dan is dat het 45 jaar oude NOS Jeugdjournaal. Een zware klus: er zijn op dit moment misschien geen kritischer consumenten van beeldmateriaal dan de kinderen tussen negen en twaalf jaar. Het NOS Jeugdjournaal weet met de juiste toon die jonge burgers van ons land te vinden. En dat geeft hoop voor een toekomst waarin mensen zich verbonden blijven voelen met de samenleving, zich daarvoor willen inzetten en begrijpen dat we elkaar niet de rug moeten toekeren.
Onder de juryleden vbevinden zich journalisten die met het NOS Jeugdjournaal zijn groot geworden en we kunnen alleen maar hopen dat nog veel meer opgroeiende mensen door dit programma worden geïnspireerd om te blijven geloven in het grote goed van algemene verslaggeving, hoor en wederhoor, trendwatching en onderzoeksjournalistiek.
En van heldere taal: net als veel andere Nederlanders hebben ook de juryleden de ervaring dat het Jeugdjournaal complexe onderwerpen soms beter uitlegt dan de nieuwsprogramma’s voor volwassenen. De dosering van filmpjes over schattige panda’s en verwarde walvissen is daarbij subtiel genoeg afgesteld om de volwassen kijker niet weg te jagen. Of misschien moeten we schrijven: nog meer aan de buis gekluisterd te houden.
Een wapenfeit om trots op te zijn is dat de best bekeken aflevering op televisie (1,6 miljoen kijkers) een uitzending was met een verkiezingsdebat. De online populariteit van de items is nog indrukwekkender: op YouTube, Instagram en TikTok scoren onderwerpen tientallen miljoenen views. Het toont dat het NOS Jeugdjournaal midden in de Nederlandse maatschappij staat.
Een beproefde methode die het Jeugdjournaal vaak hanteert is het persoonlijk maken van de actualiteit. Zo waardeerden tv-recensenten tijdens de coronacrisis het interview met de 13-jarige dochter van minister Hugo de Jonge, over de kritiek die overal over haar vader was te horen. En over hoe de gesprekken over racisme in schoolklassen beter waren geworden, tijdens de opkomst van Black Lives Matter. Onlangs was helaas ook onvergetelijk een uitgebreid gesprek van Daisy Mohr met uit hun huis gebombardeerde kinderen in Libanon, bivakkerend in een door regen en wind gegeseld tentenkamp.
In 1981 was Nederland met het NOS Jeugdjournaal na het Verenigd Koninkrijk het tweede land ter wereld met zo’n specifiek op kinderen en jongeren gerichte dagelijkse nieuwsuitzending. NOS-medewerkers hebben door de jaren heen diverse andere landen geadviseerd die ook met een jeugdjournaal wilden beginnen.
Het NOS Jeugdjournaal komt overal, beziet de wereld van alle kanten en houdt jong en oud bij de les. Een onmisbaar baken en een dagelijks bewijs dat geen land en geen generatie zonder oprechte, betrouwbare en enthousiaste nieuwsbrengers kan. Zeker in deze tijd waarin het uiten van ongefundeerde kritiek op de reguliere media mensen zou kunnen laten twijfelen aan het nut van de algemene journalistiek.
Kijkers van het NOS Jeugdjournaal weten beter.
Foto Stefan Heijdendael/ NOS